FRITZ!Box 3370 Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 3370 Service

Draadloos bereik is laag

Het bereik van de draadloze verbinding (WiFi) tussen een draadloos netwerkapparaat (bijvoorbeeld notebook, smartphone, tablet) en je FRITZ!Box is laag.

Oorzaak

  • Draadloze netwerkapparaten met verouderde software (bijvoorbeeld stuurprogramma's, firmware), interferentiebronnen in de buurt, bouwkundige omstandigheden (bijvoorbeeld de dikte en wapening van muren) en andere apparaten die radiogolven uitzenden (onder andere magnetrons, babyfoons), kunnen van invloed zijn op de kwaliteit en dus het bereik van een draadloze verbinding.

Opmerking:De configuratieprocedure en informatie over functies in deze handleiding hebben steeds betrekking op het meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box.

Voer de hier beschreven maatregelen na elkaar uit. Controleer na elke maatregel of het probleem is opgelost.

1 Meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box installeren

2 Meest recente software van het draadloze netwerkapparaat installeren

  • Installeer de meest recente driver voor de draadloze netwerkadapter van de computer of het meest recente besturingssysteem (bijvoorbeeld Android, iOS) voor het draadloze netwerkapparaat.

    Opmerking:Informatie over updates van de draadloze netwerkadapter of het draadloze netwerkapparaat vind je in het handboek of verkrijg je rechtstreeks van de fabrikant.
    De nieuwste stuurprogramma's voor de FRITZ!WLAN Stick vind je in onze downloadsectie.

3 Maximale zendvermogen configureren

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Channel".
  3. Als de optie "Set radio channel settings automatically (recommended)" is ingeschakeld, ga je verder met de volgende maatregel.
    • Als de optie "Adjust radio channel settings" is ingeschakeld:
      1. Klik op "Additional Settings".
      2. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "Maximum transmitter power" de waarde "100%".
      3. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

4 Interferentiebronnen opsporen

  1. Schakel een voor een alle apparaten uit die het draadloze netwerk kunnen storen.

    Opmerking:Alle apparaten die radiogolven uitzenden, zijn mogelijke interferentiebronnen. Dit zijn bijvoorbeeld andere draadloze netwerkapparaten, draadloze speakers, bluetooth-apparaten, babyfoons of magnetrons.

  2. Controleer na het uitschakelen van ieder apparaat of de draadloze verbinding nog steeds wordt beïnvloed.

Zodra je een apparaat hebt ontdekt dat interferentie veroorzaakt, kun je het uit laten staan of proberen de interferentie te voorkomen door het apparaat of de FRITZ!Box op een andere plek neer te zetten.

5 Draadloze netwerkapparaten optimaal positioneren

  1. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk in een centraal gelegen ruimte.
  2. Plaats de FRITZ!Box niet direct in de hoek van een kamer.
  3. Plaats de FRITZ!Box bij voorkeur op een plek met zo weinig mogelijk obstakels eromheen, d.w.z. niet direct achter of onder een obstakel zoals bijvoorbeeld een kast of een verwarming.
  4. Plaats de FRITZ!Box bij voorkeur zo hoog mogelijk boven in een kamer, bijvoorbeeld boven op een kast.
  5. Zorg ervoor dat er zich zo min mogelijk obstakels bevinden tussen de FRITZ!Box en de andere draadloze netwerkapparaten. Vooral metalen- of waterhoudende objecten (bijvoorbeeld koelkast, kamerplanten) verminderen de kwaliteit van het draadloos signaal aanzienlijk.
  6. Plaats de FRITZ!Box niet in de buurt van andere zenders (bijvoorbeeld magnetron, babyfoon, draadloze speakers, bluetooth-apparaten).
  7. Om te testen plaats je de FRITZ!Box en het draadloze netwerkapparaat zo dicht mogelijk bij elkaar in de buurt.

    Opmerking:Wanneer je alle andere mogelijke bronnen voor de fout hebt uitgesloten, kun je de afstand tussen de twee apparaten weer vergroten.

6 Naam van het draadloze netwerk (SSID) wijzigen

Als er andere draadloze netwerken met dezelfde naam in de buurt zijn, kan het voorkomen dat draadloze netwerkapparaten proberen automatisch verbinding te maken met het verkeerde draadloze netwerk. Geef je FRITZ!Box een unieke naam om dit te voorkomen:

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Network".
  3. Voer in het invoerveld "Name of the wireless radio network (SSID)" een unieke naam in zonder speciale tekens. Omdat niet elk draadloos apparaat speciale tekens ondersteunt, adviseren wij alleen Latijnse standaardletters (dus niet ä, ë, ö, ü, é, í,ß, enz.) en cijfers te gebruiken.
  4. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

Wanneer je de nieuwe naam van het draadloze netwerk opslaat, worden alle draadloze verbindingen met de FRITZ!Box verbroken. Je moet de draadloze verbindingen met de FRITZ!Box dan opnieuw configureren.

7 Optimale draadloze kanaal configureren

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Channel".
  3. Gebruik de grafiek "Use of the Wireless LAN Channels" om te bepalen welk kanaal in het lagere frequentiebereik het minst wordt beïnvloed door andere draadloze netwerken en interferentiebronnen.
  4. Schakel in de sectie "Radio Channel Settings" de optie "Adjust the radio channel settings" in.
  5. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "Radio channel" het gevonden kanaal met de minste interferentie.
  6. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.
  7. Als je nu nog steeds problemen ondervindt met de draadloze verbinding, herhaal je de stappen 3 - 6 met een draadloos kanaal in het middenbereik en vervolgens met een kanaal in het hogere frequentiebereik en gebruik je het draadloze kanaal dat het minst wordt beïnvloed door storingen.

    Belangrijk:De grafiek van de draadloze omgeving is een momentopname! De drukte op de frequentieband kan in de loop van de dag aanzienlijk veranderen omdat veel draadloze netwerken worden ingeschakeld bij gebruik. Controleer daarom meerdere malen welke draadloze kanalen het minst worden beïnvloed door interferentie.

8 Draadloze verbinding met de 5GHz-frequentieband tot stand brengen

De FRITZ!Box stelt het draadloze netwerk beschikbaar via de 2,4GHz- of de 5GHz-frequentieband. De 5GHz-frequentieband heeft minder vaak last van interferentie. Schakel daarom over op deze frequentieband als je draadloze netwerkapparaten de 5GHz-frequentieband ondersteunen:

Opmerking:Niet alle draadloze netwerkapparaten ondersteunen de 5GHz-frequentieband.
FRITZ!WLAN Stick AC 430, FRITZ!WLAN Stick AC 860 en FRITZ!WLAN Stick N (v2) ondersteunen de 5GHz-frequentieband.

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Channel".
  3. Schakel de optie "Adjust radio channel settings" in.
  4. Klik op "Additional Settings".
  5. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "Wireless standard" de standaard "802.11n+a".
  6. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.
  7. Breng opnieuw een draadloze verbinding met de FRITZ!Box tot stand.

De FRITZ!Box is nu optimaal geconfigureerd en je hebt het best mogelijke draadloze bereik tussen je draadloze netwerkapparaten en de FRITZ!Box.

Opmerking:Als je het draadloze bereik niet voldoende hebt kunnen vergroten met behulp van deze maatregelen, kun je een FRITZ!WLAN Repeater gebruiken om het draadloze netwerk van de FRITZ!Box uit te breiden.