FRITZ!Box 6820 LTE Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 6820 LTE Service

Trage draadloze verbinding met de FRITZ!Box

Een draadloos netwerkapparaat, zoals bijvoorbeeld een computer, smartphone of tablet, brengt de draadloze verbinding met de FRITZ!Box tot stand met een lagere doorvoercapaciteit dan de draadloze standaard ondersteunt. Daardoor worden bijvoorbeeld websites erg traag geladen, duurt het lang om bestanden te downloaden en worden videostreams niet goed weergegeven of onderbroken.

Opmerking:De configuratieprocedure en informatie over functies in deze handleiding hebben betrekking op het meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box.

Voer de hier beschreven maatregelen na elkaar uit. Controleer na elke maatregel of het probleem is opgelost.

1 Meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box installeren

  1. Installeer op de FRITZ!Box het meest recente FRITZ!OS.

2 Meest recente software van het draadloze netwerkapparaat installeren

  1. Installeer de meest recente driver voor de draadloze netwerkadapter van de computer (bijvoorbeeld via Windows Update) of het meest recente besturingssysteem (bijvoorbeeld Android, iOS) voor het draadloze netwerkapparaat.

    Opmerking:Informatie over de update krijg je van de fabrikant van het apparaat; raadpleeg bijvoorbeeld de handleiding. De nieuwste drivers voor FRITZ!WLAN Sticks vind je op onze downloadpagina.

3 Instellingen voor draadloos kanaal automatisch configureren

Om ervoor te zorgen dat de FRITZ!Box de draadloze omgeving regelmatig controleert en automatisch storingen kan ontwijken, moet je de volgende instelling configureren:

  1. Klik in de FRITZ!Box-gebruikersinterface op "Wireless" (of "WLAN").
  2. Klik in het menu "Wireless" (of "WLAN") op "Radio Channel".
  3. Schakel de optie "Set radio channel settings automatically (recommended)" in.
  4. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan. De draadloze verbindingen met de FRITZ!Box worden nu tijdelijk verbroken en vervolgens automatisch opnieuw tot stand gebracht.

4 Bluetooth bij wijze van test uitschakelen

Bluetooth beïnvloedt de draadloze snelheid op de 2,4GHz-frequentieband, wat vooral opvalt bij realtimetoepassingen (bijvoorbeeld videostreaming):

  1. Schakel de bluetoothfunctie van het draadloze netwerkapparaat (bijvoorbeeld smartphone, tablet) uit.

5 WPA2-versleuteling inschakelen

De volledige doorvoercapaciteit kan alleen worden bereikt als een draadloze verbinding wordt versleuteld conform 802.11n met WPA2. Als een andere versleutelmethode wordt gebruikt, is de maximale doorvoercapaciteit altijd 54 Mbit/s.

In de fabrieksinstellingen van de FRITZ!Box is de WPA2-versleuteling al ingeschakeld. Als je de draadloze instellingen van de FRITZ!Box hebt aangepast, configureer je de WPA2-versleuteling en breng je de draadloze verbinding opnieuw tot stand met deze versleutelmethode:

  1. Klik in de FRITZ!Box-gebruikersinterface op "Wireless" (of "WLAN").
  2. Klik in het menu "Wireless" (of "WLAN") op "Security".
  3. Schakel de WPA-versleuteling in.
  4. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "WPA mode" de optie "WPA2 (CCMP)".
  5. Voer in het invoerveld "Network key" een wachtwoord in. Gebruik cijfers, een combinatie van hoofdletters en kleine letters en ook andere tekens.
  6. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.
  7. Druk de beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk af of noteer deze.
  8. Breng een draadloze verbinding tot stand met de genoteerde beveiligingsinstellingen.

6 FRITZ!Box optimaal plaatsen

  1. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk in een centraal gelegen ruimte. De FRITZ!Box heeft omnidirectionele antennes. Daardoor wordt het signaal van het draadloze netwerk bolvormig in alle richtingen verzonden.
  2. Plaats de FRITZ!Box niet direct in de hoek van een kamer.
  3. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk op een plek met zo weinig mogelijk obstakels eromheen, d.w.z. niet direct achter of onder een obstakel zoals bijvoorbeeld een kast of een verwarming.
  4. Plaats de FRITZ!Box indien mogelijk zo hoog mogelijk in een ruimte, bijvoorbeeld op een kast.
  5. Plaats de FRITZ!Box zodanig dat er zich zo min mogelijk obstakels bevinden tussen de FRITZ!Box en de draadloze netwerkapparaten. Zelfs kleine voorwerpen in de directe omgeving van je FRITZ!Box kunnen het bereik van het signaal van het draadloze netwerk sterk verminderen. Objecten van metaal of waterhoudende objecten zoals bijvoorbeeld radiatoren, een koelkast en zelfs kamerplanten verminderen duidelijk de kwaliteit van het draadloze signaal.
  6. Plaats de FRITZ!Box niet in de buurt van andere zenders zoals bijvoorbeeld een magnetron, draadloze speakers of bluetoothapparaat.

Nu zijn de FRITZ!Box en het draadloze netwerkapparaat optimaal geconfigureerd en het draadloze netwerkapparaat kan met het grootst mogelijke bereik en de best mogelijke doorvoercapaciteit een verbinding met de FRITZ!Box tot stand brengen.

Opmerking:Als deze maatregelen de kwaliteit van de draadloze verbinding niet voldoende hebben verbeterd, kun je een FRITZ!Repeater gebruiken om het bereik van het draadloze netwerk uit te breiden en de doorvoercapaciteit van de draadloze verbinding te verhogen.