FRITZ!Box 7390 Service - Knowledge Base

FRITZ!Box 7390 Service

Beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk van de FRITZ!Box wijzigen

In de fabrieksinstellingen is het draadloze netwerk (WiFi) van de FRITZ!Box al beveiligd tegen onbevoegde toegang door middel van een veilige WPA/WPA2-versleuteling en het gebruik van een unieke draadloze netwerksleutel. Als je een draadloze verbinding tot stand wilt brengen met de FRITZ!Box, moet je deze netwerksleutel handmatig invoeren in het draadloze netwerkapparaat (bijvoorbeeld computer, smartphone, gameconsole) of deze automatisch laten configureren door te drukken op de "WLAN"-knop van de FRITZ!Box (WPS-procedure).

Als je de fabrieksinstellingen niet wilt gebruiken, kun je de beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk van de FRITZ!Box veranderen.

Opmerking:De configuratieprocedure en informatie over functies in deze handleiding hebben betrekking op het meest recente FRITZ!OS van de FRITZ!Box.

1 Draadloos netwerk inschakelen

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Radio Network".
  3. Schakel het draadloze netwerk in voor de 2,4- en 5GHz-frequentieband. Als de optie "Wireless radio network enabled" maar één keer wordt weergegeven, schakel je de geavanceerde weergave in.
  4. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

2 Beveiligingsinstellingen van het draadloze netwerk wijzigen

  1. Klik op "Wireless" ("WLAN") in de FRITZ!Box-gebruikersinterface.
  2. Klik in het menu "Wireless" ("WLAN") op "Security".
  3. Klik op het tabblad "Encryption".

    LET OP!Kies wanneer mogelijk altijd voor WPA-versleuteling, want deze biedt de beste beveiliging. Gebruik alleen een andere encryptiemethode als de gebruikte draadloze netwerkapparaten geen WPA-versleuteling ondersteunen.

  4. Als je de veilige WPA-versleuteling wilt gebruiken (aanbevolen):
    1. Schakel de optie "WPA Encryption" in.
    2. Selecteer in de vervolgkeuzelijst "WPA mode" de optie "WPA2 (CCMP)".

      Opmerking:Als je nog draadloze netwerkapparaten gebruikt die WPA2 niet ondersteunen, gebruik je de instelling "WPA + WPA2". Als je deze instelling selecteert, gebruiken je draadloze netwerkapparaten automatisch de veiligste WPA-modus voor draadloze verbindingen.

    3. Voer in het invoerveld "Network key" een wachtwoord naar keuze in dat tussen 8 en 63 tekens lang is.

      Belangrijk:Voor optimale beveiliging kies je een wachtwoord van minimaal 20 tekens en gebruik je een combinatie van hoofdletters en kleine letters (geen letters zoals ä, ë, ö, ü, é, í), cijfers en andere tekens.

    • Als je de onveilige WEP-versleuteling (niet aanbevolen) wilt gebruiken:
    1. Schakel de optie "WEP Encryption" in.
    2. Voer in het invoerveld "Network key" een wachtwoord naar keuze (13 tekens lang) in.

      Belangrijk: Voor de netwerksleutel kun je alleen hoofdletters, kleine letters (geen letters zoals ä, ë, ö, ü, é, í) en cijfers gebruiken.

    • Als je geen versleuteling (niet aanbevolen) wilt gebruiken, waardoor het draadloze netwerk niet beveiligd is, schakel je de optie "non-encrypted" in.
  5. Klik op "Apply" om de instellingen op te slaan.

Nu wordt een pop-upvenster "Wireless LAN Access" geopend met de nieuwe instellingen voor draadloze beveiliging van de FRITZ!Box. Print of noteer deze instellingen en configureer de draadloze verbinding met de FRITZ!Box opnieuw.